K.F. Hein Stipendium - Blog Britt Dorenbosch #2

ma 17 julK.F. Hein Stipendium - Blog Britt Dorenbosch #2
Mijn vorige blog ben ik geëindigd met een foto van mijn installatie bij Art Rotterdam; vier grote schilderijen die inzoomen op stukken textiel. Deze installatie is het begin van een reeks schilderijen en tekeningen waarin ik in- en uitzoom op objecten die mij mijn thuisgevoel geven. Nu vijf maanden later heb ik een mooi aantal nieuwe werken staan, maar die zijn er niet zonder moeite gekomen.

Dit jaar heb ik mijn werkwijze beter leren kennen. Hopelijk verbaas ik me in de toekomst niet meer wanneer periodes van energie en intensief atelierwerk worden opgevolgd door periodes van twijfel en blokkades. Het onafgebroken schilderen voor de show bij Art Rotterdam was meer inspannend dan verwacht. In maart was ik moe en wist ik niet goed hoe ik het werk van Art Rotterdam een vervolg moest geven, terwijl in mijn planning stond dat ik die maand een nieuw ontwerp zou maken voor de expositie in het Centraal Museum. Ik wist dat ik niet genoeg onderzoek had gedaan om dat plan te kunnen vormgeven, maar intussen waren we ook al halverwege het onderzoeksjaar. Stress!

Een paar goede gesprekken, een herdefinitie van mijn focuspunten en een bezoek aan de expositie van David Hockney hebben me weer scherpte gegeven. Hockney heeft me laten zien dat realistisch schilderen en spelen heel goed samen gaan. Vooral zijn werken uit de jaren 60 vond ik fantastisch om te zien. De prachtige kleurcombinaties en de ogenschijnlijke natuurgetrouwe voorstellingen waarin vlakken met nonchalante halen (o.a. met pen) zijn ingekleurd; het was intrigerend en inspirerend. Ik kreeg enorm veel zin om te gaan schilderen.


Play Within a Play 1963   © David Hockney           The Actor 1964   © David Hockney

Terug in mijn atelier werd duidelijk dat mijn schetsvoorstel te veel verschillende ambities omvatte. Ik had drie woonomgevingen die ik wilde onderzoeken: mijn huidige, mijn vorige en mijn ouderlijke woning. Ik had het plan de twee beschikbare ruimtes van het Centraal Museum volledig van boven tot onder vol te hangen met mijn werk. Daarbij wilde ik kijken hoe ik in mijn schilderijen los kon komen van het standaard rechthoekige frame. Ondertussen was ik kort daarvoor begonnen met het schilderen met eitempera en had ik het idee dat mijn manier van schilderen losser en abstracter moest. Het was te veel om me mee bezig te houden. Het onderzoek naar een afwijkende presentatievorm en een andere manier van schilderen heb ik daarom op pauze gezet. Daarnaast zag ik al snel in dat de drie verschillende huizen niet afzonderlijk onderzocht hoefden te worden omdat hun sfeer vertegenwoordigd wordt in de voorwerpen waarmee ik me in mijn huidige woonomgeving omring. Verder begreep ik dat je omringen met werk niet hoeft te betekenen dat je ook daadwerkelijk veel werk ophangt. Uiteindelijk heb ik een aantal spelregels voor mijzelf opgesteld zodat ik meer rust had om te werken. Bijvoorbeeld ‘wanneer je werkt werk dan met aandacht.’ ‘Denk niet aan schilderstijl, maar kijk naar wat een goed beeld maakt.’ ‘Voel! Kies niet alleen esthetisch, kijk naar wat je raakt.’


Foto’s van mijn kindertijd

Met deze aangescherpte focus heb ik bewuster mijn beelden kunnen selecteren. Door mijzelf af te vragen waar het sentiment zit, zijn de foto’s naar voren gekomen die het sterkst refereren aan mijn opvoeding. Het zijn de beelden die mij herinneren aan het speelse, vrije en veilige gevoel van mijn kindertijd die ik heb gebruikt voor het nieuwe werk. Waar ik in eerdere schilderijen vaak enkel een registratie maakte van beelden die mij fascineerden, kun je nu de nostalgie voelen. Het werk is hierdoor verhalender geworden. Tegelijk heb ik mijzelf vrij gelaten om te spelen. Tijdens het tekenen maak ik al langer gebruik van verschillende materialen binnen een werk. Naargelang de beste kleurintensiteit of toets kies ik voor potlood, verf of oliepastel. Dit heb ik nu ook in mijn schilderijen doorgevoerd. Het zorgt ervoor dat de overgang van schets naar schilderij kleiner is geworden en tekeningen en schilderijen samenkomen.


Atelier mei 2017

Met het meeste werk gemaakt richt ik mij de komende weken op de tentoonstelling. Hoe kan ik mijn verhaal het beste overbrengen? De geborgenheid die ik eerder wilde opzoeken door je te omringen met mijn werk blijkt bij nader inzien al in de architectuur van de ruimtes te zitten. Het is daarom zaak om nu te kijken hoe ik deze geborgenheid kan benadrukken met de presentatie van de werken. Hoe kan ik je straks meenemen langs schilderijen en tekeningen zodat je mijn thuisgevoel het beste meekrijgt. Vanaf 9 september is in het Centraal Museum het resultaat te bekijken.
Ga terug naar nieuws overzicht